De beste schrijver is een luie lezer. Geen moeilijke zinsconstructies, geen kronkelende gedachtengangen. Helderheid staat voorop. Ik ben een luie lezer. Als schrijver maak ik het de lezer daarom zo makkelijk mogelijk. Door duidelijke zinnen die niet noodzakelijk kort zijn, maar wel makkelijk te lezen. Maar vooral door een heldere structuur. Een duidelijke indeling en expliciete verbanden die de lezer moeiteloos door de informatie leiden. Verhelderen, niet versimpelen Een voorbeeld. Voor een opdrachtgever schreef ik een beleidsnota. Door mijn vragen ontdekte de opdrachtgever dat er nog allerlei besluiten moesten worden genomen waarover ze nog niet eerder hadden nagedacht. Ook ontdekten ze tegenstrijdigheden in de instructies aan het personeel. Zo werd de beleidsnota onderdeel van het veranderingsproces. Duidelijkheid | ||||
